Prof. dr. Marleen Kamperman

Hoogleraar Polymeerchemie bij de Rijksuniversiteit Groningen

Vervanging en Verbetering in het Menselijk Lichaam

HTRIC: praktisch en laagdrempelig samenwerken

Door goed te kijken naar de natuur en hoe planten en dieren materialen ontwikkelen, kun je toepassingen verzinnen die geschikt zijn om in het lichaam te gebruiken. Samen met haar onderzoeksgroep ontwikkelt professor doctor Marleen Kamperman materialen voor allerhande biomedische toepassingen. Marleen Kamperman kijkt graag af van de natuur. Zoals van zandkasteelwormen die op een wonderbaarlijke manier hun kokervormige huisjes knutselen van zand en schelpen en daarbij zelf een lijmstof ontwikkelen om hun huisje stevig te houden. Hoe kan het dat die lijm ook op natte oppervlakken hecht en welke eiwitten zorgen daarvoor? En mooier nog: hoe maak je die eiwitten na, zodat chirurgen die lijm kunnen toepassen in de operatiekamer? Het menselijk lichaam is immers ook een natte omgeving. De stap om materiaal van het strand in de OK te krijgen, dat is waar HTRIC sterk in zou moeten zijn, vindt ze. Vandaar dat scheikundige Marleen Kamperman graag een van de boegbeelden van HTRIC wil zijn.

Marleen ziet allerlei mogelijke dwarsbanden die via HTRIC kunnen ontstaan. Ze werkt sinds drie jaar in Groningen. Voor haar is de betrokkenheid bij HTRIC een uitgelezen kans om de diepte in te gaan met zowel haar eigen onderzoeksgroep als met de medici in het UMCG. Ze wil beginnen met inventariseren wat voor onderzoek er nog meer wordt gedaan en welke goede connecties vanuit het UMCG over het hoofd zijn gezien. Natuurlijk zit haar onderzoek naar materialen die goed gebruikt kunnen worden in het menselijk lichaam altijd al op het grensgebied tussen kliniek en universiteit, maar ze weet zeker dat er meer ontwikkelingen gaande zijn die het verdienen om die connectie te maken.

En eerlijk: toen Erik van der Giessen haar vroeg als een van de kartrekkers van HTRIC, was het voor Marleen op persoonlijk en professioneel vlak een goede manier om meer mensen te leren kennen na jaren in Wageningen te hebben gewerkt. Een fiks deel van die drie jaar in Groningen heeft natuurlijk online plaatsgevonden vanwege COVID-19. Aan de universiteitskant weet ze inmiddels prima hoe de hazen lopen. Maar HTRIC biedt ook de mogelijkheid om ook anderen beter te leren kennen.

“You need others to tell you whether your idea will work in practice.”

Binnen HTRIC is Marleen gekoppeld aan Max Witjes vanwege het thema Vervanging en Verbetering in het Menselijk Lichaam. Ze ziet die samenwerking als een manier om verder te komen, niet omdat het opgelegd is. Haar wereld is die van fundamenteel onderzoek en onderwijs, meer dan van start-ups. En dus krijgt haar onderzoek naar lijmen vooral meerwaarde op het moment dat iemand aansluit die weet of de lijm biocompatibel is, zo legt ze uit. Je hebt anderen nodig die jou kunnen vertellen of het lichaam het materiaal ook prima vindt en dat het geen allergische reactie oproept. Of iemand die duidelijk maakt dat een ontwikkeld materiaal veel te stijf is, omdat de huid zelf veel zachter is. En heel praktisch: een chirurg kan niet wachten op een lijm die meer dan tien minuten nodig heeft om uit te harden.

Dit soort praktische, laagdrempelige gesprekken is waar ze zich op verheugt. Van die half toevallige ontmoetingen en dan door die gesprekken op nieuwe ideeën komen. Is een door Marleen ontwikkelde lijm ook te gebruiken voor eenvoudiger medicijnafgifte in de maag, is een vraag die ze laatst kreeg. Geen idee nog, maar mogelijkheden genoeg. De verhalen van chirurgen wat zij concreet nodig hebben, zijn super nuttig. Met Max Witjes praten over het lijmen van kaakbotten bijvoorbeeld. Dan gaat het brainstormen meteen beginnen: daar hebben wij misschien wel wat voor.

Je kunt elkaar prima opzoeken zonder dat er een vehikel als HTRIC voor wordt opgetuigd. Een email is snel gestuurd, zou je zeggen. Toch denkt Marleen dat dat nog beter kan. Veel contacten zijn nog onbenut. Bovendien worden de vraagstukken in de medische technologie steeds complexer. Onderzoeken worden door grote groepen mensen gedaan. Dan is het handig om de lijnen kort te houden. Het zou daarom lekker zijn als er een fysieke plek is voor HTRIC zodat het niet alleen bij een virtueel instituut blijft.

"Wij als wetenschappers leren van de samenwerking met bedrijven."

Gevraagd naar haar droom voor HTRIC, ziet ze het instituut opvallend fysiek en energiek voor zich. Met in- en uitlopende studenten, de mensen uit de kliniek, onderwijs, industrie en onderzoekers. Studenten die snappen dat de onderzoeken die ze doen over echte problemen gaan waaraan ze in de praktijk kunnen bijdragen. Het bedrijfsleven dat de meerwaarde ziet en duidelijk zegt wat er nodig is qua regelgeving en wetgeving. Kamperman ziet een plek voor zich waar verschillende groepen samenkomen om de complexe problemen op te lossen die we misschien nu nog niet kennen. Maar ook: een systeem ontwikkelen om geld te genereren om die ideeën verder te brengen.

Natuurlijk vindt het bedrijfsleven in HTRIC-projecten die voor hen interessant kunnen zijn. Maar, zo zegt Marleen, een van onze hoofdtaken is natuurlijk het opleiden van mensen. Mensen die zij nodig hebben. Door samen te werken kunnen onderwijsinstellingen die werknemers van de toekomst beter opleiden. Dat aspect mag wel meer duidelijk worden.

Over en weer kunnen bedrijfsleven en wetenschap meer van elkaar leren dan nu het geval is. Een promotietraject duurt ettelijke jaren. Een bedrijf wil snel weten of iets werkt of niet. Marleen zegt daarover: “Misschien moeten wij als wetenschappers het ook sneller zeggen dat iets niet werkt. Hoppakee, we gaan wat anders proberen.” Er liggen ook wel wat uitdagingen: soms kunnen ze niet alle bedrijfsgevoeligheden delen en wie wordt uiteindelijk eigenaar van het product? Dat hoort er allemaal bij. En HTRIC kan daarin een rol spelen om dat te stroomlijnen.

Er liggen ook wel wat uitdagingen: soms kunnen ze niet alle bedrijfsgevoeligheden delen en wie wordt uiteindelijk eigenaar van het product? Dat hoort er allemaal bij. En HTRIC kan daarin een rol spelen om dat te stroomlijnen.

HTRIC’s uitgangspunt om vanuit nieuwsgierigheid naar oplossingen te zoeken om uiteindelijk impact te creëren is heel geschikt voor biomedische toepassingen. Het begint met een mossel die aan rotsen kleeft of met loeisterk spinzijde. Dat hele traject van een bepaald interessant materiaal uit de natuur, vertalen in een maakbaar equivalent en via HTRIC zorgen dat bedrijven het ook echt gaan maken zodat het materiaal kan worden gebruikt bij een huidtransplantatie. Als je die impact kunt hebben, is dat prachtig. 

Contact

Marleen Kamperman is hoogleraar Polymeerchemie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Ze onderzoekt scheikundige principes van processen die in de natuur voorkomen en probeert dit na te bootsen.

nl_NL